Bekkenklachten
De laatste jaren is 'bekkeninstabiliteit' een vaak gehoorde klacht. Nog steeds zijn er veel artsen en therapeuten die dit een moeilijk herkenbare en behandelbare aandoening vinden. Wij hebben ons een aantal jaar geleden bijgeschoold op dit gebied. Wij hebben de cursus 'Rugklachten en Bekkeninstabiliteit' gevolgd bij het Spine and Joint Centre in Rotterdam (multidisciplinair centrum gespecialiseerd in bekkenklachten). Zie ook www.spineandjoint.nl. Hier werd vooral ingegaan op de behandeling bij vrouwen die nog klachten hielden ná de bevalling. Tevens deden wij de cursus 'Bekkenpijn tijdens en na de zwangerschap'van Cecile Röst, fysiotherapeute in Oegstgeest. Zij heeft zich gespecialiseerd in de behandeling zowel tíjdens als na de zwangerschap. Zie ook www.bekkentherapie.nl.
ZELF TESTEN
Er zijn een paar simpele testen die je zelf kunt doen om te kijken of je klachten met het bekken te maken hebben.
* Ga languit liggen op je rug met beide benen gestrekt. Til dan één been 5 cm gestrekt omhoog en leg het weer terug. Doe dit ook met het andere been. Het kan gebeuren dat het ene been makkelijker gaat dan het andere been.
Duw nu met je handen tegen de zijkanten van je heupen en herhaal de test. Als het nu makkelijker gaat of minder pijnlijk is dan op de 1e manier, kan dit te maken hebben met je bekken.
* Ga op je rug liggen met beide benen gebogen. Spreid de benen (linker knie naar links, rechter knie naar rechts) en blijf even zo liggen.
Als dit pijnlijk is aan 1 kant, of als 1 knie verder omlaag gaat dan de andere knie, kan dit met het bekken te maken hebben.
* Als lang rechtop zitten op een harde stoel pijnklachten geeft, kan dit te maken hebben met een hoge spierspanning van de bekkenbodemspieren. Dit kan ook bekkenklachten geven.
* Vaak hebben vrouwen met bekkenklachten zittend werk. Of ze hebben in het verleden intensief sport beoefend. Vaak was dat turnen, zwemmen of paardrijden. Het kan ook zijn dat een ongeval of ander trauma in het verleden heeft plaatsgevonden.
EEN STUKJE THEORIE
Bekkeninstabiliteit is eigenlijk niet het goede woord. Daarom staat het in de 1e zin tussen aanhalingstekens. Het bekken hoort namelijk instabiel te worden als je zwanger bent, want anders kan de baby nooit door het geboortekanaal heen. Het probleem bij bekkenklachten is de verkeerde positie van het bekken. Deze staat in een 'verwrongen' stand, wat inhoudt dat de ene bekkenhelft t.o.v. de andere voor voren (of juist naar achteren) gekanteld staat. Dit veroorzaakt de pijnklachten. Omdat de hormonen ervoor zorgen dat de bekkenverbindingen weker worden (schaambeen, SI-gewricht), kan door een verkeerd bewegingspatroon het bekken in een verwrongen stand komen te staan. Bijvoorbeeld als je vaak op één been staat te hangen, of als je bukt waarbij de benen 'in stap' staan.
Alleen therapeuten die gespecialiseerd zijn in het behandelen van bekkenklachten kunnen het bekken weer in de juiste stand zetten. Het is tevens belangrijk om een ander houdings- en bewegingsgedrag aan te leren, zodat u zorgt dat het bekken in deze goede positie blijft staan. Wij geven aanwijzingen, maar je moet zelf ook goed meewerken. Het 'voordeel' van bekkenklachten is dat het lichaam direct aangeeft of een bepaalde beweging wel/niet goed is. De goede beweging geeft namelijk minder klachten dan de verkeerde. Neem bijvoorbeeld het opstaan uit een stoel. Doe dat maar eens met één been voor en één been achter (in stap). En vergelijk dat met: voeten op gelijke hoogte, knieën en voeten naar buiten laten wijzen en dan opstaan. Waarschijnlijk geeft de 2e manier minder problemen dan de 1e manier. Vooral een symmetrische stand van de benen is iets wat steeds terugkomt in het verbeteren van het bewegingspatroon.
Bekkenklachten kunnen voorkomen bij:
- Zwangere vrouwen (met pieken bij 3 en 7 maanden)
- Vrouwen na de bevalling (direct na de bevalling tot jaren later)
- Vrouwen rond de overgang.
De klachten zitten meestal:
- Laag in de rug/boven de billen, soms met uitstraling naar voren of naar de bil, meestal aan één kant
- Bij het schaambeen
- In de lies
- Rond het stuitje
- Aan de zijkant of achterkant van de heup.
De pijnklachten zijn vaak wisselend. Het kan branderig of juist zeurend aanvoelen, of soms scherp. Meestal worden de klachten erger als je teveel hebt gedaan.
Deze klachten worden erger bij:
- Lang staan, lang zitten, lang lopen
- Op één been staan
- Een beetje gebukt staan, zoals bij stofzuigen, dweilen, afwassen
- Omdraaien in bed
- Opstaan uit bed/stoel
- In- en uit de auto stappen
- Traplopen
- Boodschappenkarretje/kinderwagen duwen.
De behandeling bestaat uit:
- Theoretische uitleg over het bekken en de spierwerking;
- Het corrigeren van de stand van het bekken;
- Het leren gebruiken van de juiste spieren om het bekken te stabiliseren;
- Het aanleren van een symmetrisch bewegingspatroon;
- Het verbeteren van de houding in het dagelijks leven;
- Oefeningen om de pijn te verminderen;
- Zo nodig ademhaling- en ontspanningsoefeningen;
- Bij zwangere vrouwen aanleren van de juiste perstechniek;
- Oefeningen voor in het kraambed;
- Houdingsadviezen m.b.t. het verzorgen van de baby;
- Opbouwen van activiteiten, conditieverbetering, advies over sport;
- Advies over hulpmiddelen zoals een bekkenband.

